|
Han Vallenduuk over rijtijdenwetgeving
Conclusies:
de invoering van de verplichte boordcomputer kan pijnlijk
uitvallen voor chauffeurs/ondernemers die zich niet strikt aan snelheids-
of rijtijdenwetgeving houden;
rechtspraak zal moeten uitwijzen of stricte controles niet in
strijd zijn met privacywetgeving;
de verplichte boordcomputer heeft als voordeel dat meer
management-informatie beschikbaar komt van de transportondernemer.
|
Han Vallenduuk: 'Bedrijven in landen met de relatief nieuwste wagenparken, hebben
het meest te vrezen van de nieuwe regelgeving rondom boordcomputers en
rijtijdencontrole. Kortom, de Nederlandse vervoerder dreigt weer het haasje te worden.'
In het Publicatieblad van de Europese Unie van 9 oktober 1998 is .Vo. (EG)
Nr. 2135/98 gepubliceerd. Deze verordening brengt een aantal wijzigingen in de
regels over de tachograaf en de controle daarop in de EG. Allereerst wordt
de tachograafverordening uitvoerig aangepast (anti-fraude) en uitgebreid
(digitale tachograaf, chauffeurskaart en boordcomputer). Vallenduuk:
'Maar ook wordt het in de richtlijn 88/599 mogelijk gemaakt dat
inspecteurs in de Europese lid-Staten op snelheid kunnen controleren
aan de hand van de opgeslagen gegevens. Voorheen was in Nederland uitgesloten
dat op snelheid werd geverbaliseerd uitsluitend op de tachograaf.'
'De inmiddels van kracht geworden wettekst op dat punt houdt in dat men in voorkomend
geval, over de periode dat men de tachoschijven moet meevoeren (lopende week en
laatste dag van vorige week) mag controleren op snelheid. De overschrijdingen van de
toegestane maximumsnelheid van het voertuig moet dan wel boven de 90 km/uur voor
grote vrachtwagens zijn. Men mag echter ook 'de onmiddellijke snelheden van
het voertuig zoals die door het controleapparaat zijn geregistreerd gedurende ten
hoogste de laatste 24 uur waarin het voertuig is gebruikt', controleren. Dat lijkt
bedoeld te zijn voor overschrijding in de bebouwde kom of op
secundaire wegen. Kortom, voor wie zich niet strikt aan de regels houdt kan
een staandehouding weleens een pijnlijke afloop hebben.'
De snelheden, maar ook de manipulatie van de snelheidsbegrenzer worden nu al op de
tachograafschijf geregistreerd. In de toekomst staan die gegevens op de chauffeurskaart
en in het massa-geheugen van het voertuig. Die geheugensdragers
worden onderdeel van de boordcomputers die verplicht voor nieuwe voertuigen wordt
ingevoerd. Vallenduuk: 'De introductie van chauffeurskaarten en boordcomputers in
nieuw op de markt te brengen voertuigen laat nog minstens twee jaar op zich wachten.
De tachograaf blijft daarnaast gehandhaafd in oudere voertuigen. Geen retrofit, dus.
De nieuwe boordcomputer krijgt een chauffeurskaart, waarop minimaal 28 dagen aan
gegevens over rij- en rusttijden kan worden opgeslagen. Het voertuig wordt uitgerust
met een controle-apparaat met massageheugen waarop gedurende 365 dagen de gegevens
opgeslagen blijven die nodig zijn voor de controle op de naleving van de installatie
en gebruik van de snelheidsbegrenzer en rij- en rusttijden.'
'De eveneens gewijzigde controle-richtlijn (EG) 88/599 geeft niet met zoveel woorden
aan dat men 365 dagen terug mag gaan. Ik sluit niet uit dat buitenlandse autoriteiten
dat toch doen. Het is duidelijk dat de lid-Staten met het beste wagenpark en dus de
nieuwste voertuigen het haasje zullen zijn. In Nederland is bij de invoering van
de tachograaf in 1975 beloofd dat de tachograaf niet gebruikt zou worden voor
controle op de snelheid. Daar zijn o.a. bezwaren van bewijsrecht (plaats delict;
al dan niet op openbare weg), het gelijkheidsbeginsel in relatie tot andere weggebruikers.
Maar ook het 'nemo tenetur-beginsel',
d.w.z. dat men niet behoeft mee te werken aan de eigen strafrechtelijke
vervolging, anders dan expliciet bij wet geregeld, speelt een rol. Het door de
tachograaf te leveren bewijs tegen de chauffeurs was wel voor de rij- en rusttijden
expliciet bij wet geregeld; voor de overschrijding van de snelheid was dat niet zo.
Het lijkt er nu op dat deze bestaande afspraak door de nieuwe Verordening teniet
wordt gedaan. Daarnaast heeft het Nederlandse wegvervoer alles te duchten van controles
in het buitenland.'
'Nader dient nog te worden bezien of de controle over 365 dagen, waarbij het een vereiste is
dat de rijtijd, de andere werkzaamheden, maar ook de rusttijd niet strijdig is met de
Mensenrechtenverdragen. Stelselmatige observatie van criminelen die voorbereidende
handelingen verrichten zonder wettelijke grondslag, lijkt in strijd met de artikelen 10
Grondwet en 8 EVRM. Wegvervoerders zijn geen criminelen, maar door de bank
genomen ondernemers verstrikt in overregulering. De nieuwe Europese wetgeving houdt in
dat alle activiteiten per minuut achteraf kunnen worden nagegaan. Daarmee kunnen de gangen van de bestuurder, ook in de tijd dat hij vrij is, uiterst nauwkeurig worden
nagegaan door zaken in databases door te rekenen. De aard van de maatregel in relatie tot
het doel - het toezicht niet op crimineel handelen, maar feitelijk te hard werken - lijkt niet in
redelijke verhouding met elkaar. In de rechtspraak zal moeten blijken of deze wetgeving niet
te zeer ingrijpt in de persoonlijke levenssfeer.'
'In de nieuwe regeling valt op dat er een nogal zwaar opgetuigd bureaucratisch systeem
wordt opgezet voor de uitreiking van de bestuurderskaart. Uiteraard moet worden voorkomen
dat bestuurders met meer dan één kaart rondlopen. Positief is dat de ontwerpers van de
regels rekening hebben gehouden met het tweeledige gebruik van de boordcomputers: voor toezicht
op naleving van wetgeving, maar ook voor gegevens voor managementinformatie. Zelfs houdt
men rekening met digitale input op afstand en GPS-systemen. Het wachten is nu de op de
specificaties voor de fabrikanten. Als de gepubliceerd worden - men verwacht zomer 1999 -
worden de nieuwe boordcomputers twee jaar nadien ingevoerd. Het is dus zaak om na te
denken over het tijdstip van de aanschaf van on-board-automatisering. Weliswaar kan men na
de invoeringsdatum met 'oude' voertuigen met de combinatie tachograaf en andersoortige
boordcomputer blijven rijden, maar het is natuurlijk handiger om van een van die
apparaten te worden verlost. Dezelfde problematiek doet zich voor bij de aanschaf
van software. De compatibiliteit met het straks wettelijk voorgeschreven apparaat
moet verzekerd zijn.'
|
|
|

mr Han Vallenduuk is directeur van Vallenduuk Advocaten.
Zijn kantoor bedient 350 transportbedrijven in binnen- en buitenland. Han
Vallenduuk heeft 25 jaar ervaring in het vervoer, onder andere
bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat en de KNVTO (thans KNV). Hij
was daar werkzaam op sociaal en juridisch gebied, waaronder het voeren
van cao-onderhandelingen. In 1992 begon hij zijn eigen adviesbureau,
sinds 1994 is hij advocaat.
Om de inhoud van deze site nog beter op uw behoeften af te stemmen, verzoeken wij u
kenbaar te maken of het onderwerp "rij- en rusttijden" voor u wel of niet van
belang is.
Wilt u dat wij u per e-mail op de hoogte houden van dit project, dan kunt op onderstaande
knop klikken.

|